Sancties indien medewerker niet meewerkt aan re-integratie

Een zieke medewerker is verplicht om medewerking te verlenen aan zijn re-integratie, zo volgt uit artikel 7:11 CAR-UWO. In het geval de zieke medewerker die medewerking niet verleent, heeft de werkgever een aantal sancties. De werkgever kan de medewerker een disciplinaire maatregel opleggen wegens plichtsverzuim. Ook kan de werkgever de doorbetaling van de bezoldiging staken op grond van artikel 7:14, tweede lid, CAR-UWO. Voorts geldt als ultieme sanctie het ontslag wegens het zonder deugdelijke grond niet meewerken aan de re-integratie (artikel 8:5a CAR-UWO).

Over laatstgenoemde twee sancties oordeelde de rechtbank Den Haag op 28 december 2011 (TAR 2012/52). Een medewerkster was wegens ziekte verhinderd haar eigen werk te verrichten. Ingevolge een deskundigenoordeel wordt de medewerkster geschikt geacht voor aangepast werk. Op 4 november 2010 zou medewerkster weer op het werk moeten verschijnen. Maar dit gebeurt niet en haar werkgever gaat over tot staking van haar bezoldiging. Daarbij heeft haar werkgever medegedeeld dat indien zij vanaf 10 november niet op het werk verschijnt, haar ontslag zal worden verleend. Zonder bericht verschijnt de medewerkster voorts op 10 november niet op het werk, waarna haar werkgever overgaat tot ontslag. De rechtbank oordeelt echter dat daartoe te snel is overgegaan, nog daargelaten of op deugdelijke gronden geen gevolg is gegeven aan de oproepen om op het werk te verschijnen. Uit het systeem van de CAR-UWO volgt dat een ontslag wegens arbeidsongeschiktheid omdat is geweigerd om in passend wek te hervatten, het sluitstuk is als blijkt dat het staken van de bezoldiging onvoldoende is om betrokkene tot ander gedrag te bewegen. Het ontslag is zo snel op de financiële maatregel gevolgd dat betrokkenen de waarschuwende kracht van die maatregel nog niet heeft ervaren.