Arbodienst

Arbodienst

De werkgever heeft een zorgplicht met betrekking tot het bevorderen van een gezonde werkplek zonder nadelige gevolgen voor de gezondheid en veiligheid van medewerkers. Een werkgever is verantwoordelijk voor een goed arbo- en verzuimbeleid. Hieronder verstaan we zowel preventie als arbozorg.
Om dit beleid vorm te geven, heeft de werkgever de keuze tussen de maatwerkregeling (de werkgever kiest zelf de deskundigen die hij nodig heeft) en de vangnetregeling (de werkgever regelt de arbotaken via een gecertificeerde arbodienst). De werkgever moet zich in ieder geval door ten minste één bedrijfsarts laten ondersteunen, maar dit mogen dus ook meerdere (arbo)deskundigen zijn. Dit kan een externe gecertificeerde arbodienst zijn, maar de werkgever kan het Arbodienstverlening ook op maat aanpassen door zelf een arbodeskundige in dienst te nemen of in te huren. Verder staat in de Arbeidsomstandighedenwet dat iedere werkgever verplicht is om minstens één preventiemedewerker en bedrijfshulpverlener (BHV’er) in de organisatie aan te wijzen. De preventiemedewerker heeft als taak te adviseren aan en samen te werken met de arbo-arts en andere arbodienstverleners om een vellige en gezonde werkplek te bevorderen.

Functioneren arbodienst

De werkgever zal met de arbodienst afspraken moeten maken over het niveau van de dienstverlening. Deze afspraken worden vastgelegd in een contract. In de arbeidsomstandighedenwet is het verplicht om een basiscontract te sluiten. In het basiscontract staan rechten en plichten voor de werkgever, werknemer en de arbodienstverleners. Het basiscontract bevat de minimale eisen voor de arbodienstverlening: de rechten en plichten voor de werkgever, medewerker en bedrijfsarts.

Op grond van de Arbeidsomstandighedenwet zal de werkgever de Arbodienst in ieder geval in de volgende situaties moeten inschakelen:

  • bij het beoordelen van de Risico-inventarisatie en -evaluatie (ri&e);
  • bij het verzuimbeleid;
  • bij het (vrijwillige) periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek (PAGO) voor medewerkers die werkzaam zijn in functies met een risico voor de gezondheid;
  • voor het instellen van een arbeidsomstandighedenspreekuur voor de medewerkers;
  • indien de werkgever wil overgaan tot een aanstellingskeuring.

Risico-inventarisatie en -evaluatie

De werkgever moet op grond van de Arbeidsomstandighedenwet onderzoeken of het werk in zijn organisatie schade kan opleveren voor de gezondheid van de medewerkers. Dit onderzoek heet een risico-inventarisatie en evaluatie (ri&e). De werkgever moet zich bij dit ri&e laten bijstaan door een gecertificeerde arbodienst conform de Arbeidsomstandighedenwet. De Arbowet verplicht werkgevers om arbeidsongevallen die hebben geleid tot de dood, blijvend letsel of een ziekenhuisopname, direct aan de Inspectie SZW te melden. ’Blijvend letsel’ is bijvoorbeeld een amputatie, verminderd gezichtsvermogen of chronische lichamelijke klachten.

Consultatie arbodienst door medewerker

Als de medewerker dit wenst, moet hij de mogelijkheid krijgen om een arts van de arbodienst te raadplegen als de medewerker vragen heeft over zijn gezondheid in relatie tot het werk,. Hiertoe wordt in de regel een spreekuur ingesteld, waarbij de werknemer het recht heeft om zonder toestemming van de werkgever de bedrijfsarts te bezoeken. Dit kan bijvoorbeeld via een open spreekuur. Dit geldt ook voor de medewerker, die nog niet verzuimt of gezondheidsklachten heeft. De arbo-arts moet dan ook de mogelijkheid hebben om iedere werkplek kunnen bezoeken.

Indien de medewerker twijfelt aan het oordeel van de arbo-arts, dan heeft de medewerker de mogelijkheid om bij een andere arbo-arts second opinion aan te vragen. Het is de taak van de arbo-arts knelpunten te signaleren en de medewerker of, wanneer de medewerker dat goedvindt, de werkgever hierover te adviseren. Werknemers en werkgevers die niet tevreden zijn over de behandeling de arbodienst of bedrijfsarts, kunnen gebruik maken van een onafhankelijke klachtenregeling.

Arbeidsomstandigheden en de OR

Besluiten over de arbeidsomstandigheden vallen onder het instemmingsrecht en zullen dus altijd goedkeuring moeten krijgen van de ondernemingsraad. Het gaat hier bijvoorbeeld om:

  • het opzetten en uitvoeren van de risico-inventarisatie en -evaluatie;
  • het opstellen en uitvoeren van het Plan van Aanpak;
  • het instemmen met de persoon en de positie van de preventiemedewerker;
  • het kiezen van een arbodienstverlener en het mede vormgeven van de inhoud van het contract.

Meer informatie