Gelijkstelling levenspartner met echtgenoot

De levenspartner van de medewerker, wordt voor de toepassing van de CAR-UWO gelijkgesteld met een echtgenoot of geregistreerde partner.

Levenspartner

Als levenspartner wordt beschouwd degene met wie de niet-gehuwde medewerker duurzaam samenwoont. Het samenwonen blijkt uit het voeren van een gemeenschappelijke huishouding.

Schriftelijke verklaring

Dat een medewerker samenwoont moet hij aantonen door middel van een schriftelijke verklaring. Wanneer van de samenwoning geen notariële akte is opgemaakt, kan deze verklaring ook worden verstrekt op een door de werkgever vastgesteld formulier. Er kan maar één persoon als levenspartner worden aangemerkt.

Waarvoor gelijkstelling?

Gelijkstelling met een echtgenoot geldt voor de regels met betrekking tot:

  • het verlof met behoud van bezoldiging wegens persoonlijke of familieomstandigheden;
  • de uitkering bij overlijden van de medewerker. De levenspartner wordt dan aangemerkt als gezinslid;
  • de uitkering bij overlijden van een oud- medewerker die wachtgeld of een ontslaguitkering geniet die volledig voor rekening van de gemeente komt;
  • de aanspraken op een verhuiskosten-, reiskosten- of pensionkostenvergoeding;
  • de uitkering bij overlijden van de oud- medewerker die met functioneel leeftijdsontslag is gegaan;
  • aanspraken op salaris en toegekende salaristoelagen tijdens militaire dienst.