Ontslag op verzoek

Als de medewerker om ontslag verzoekt wordt dit door de werkgever eervol verleend. Dit ontslag kan ook gedeeltelijk worden verleend. Door de formele eenzijdigheid van de aanstelling kan een medewerker geen ontslag nemen. Het moet hem door de werkgever verleend worden. De medewerker kan er dus wel om verzoeken.

Opzegtermijn

De ingangsdatum van het ontslag ligt tussen de één en drie maanden. De werkgever bepaalt de ingangsdatum. Hierbij neemt hij ook de belangen van de medewerker in overweging. Op verzoek van de medewerker kan de werkgever van deze termijnen afwijken. Overigens is de werkgever niet gehouden aan een opzegtermijn per de eerste dag van de maand; opzegging kan ook tegen een andere dag plaatsvinden.
Een medewerker die ondanks de vastgestelde opzegtermijn toch eerder weg gaat, handelt opzettelijk in strijd met zijn verplichting om zijn betrekking nauwgezet te vervullen.

Weigering van ontslagverzoek

In principe moet de werkgever een ontslagverzoek inwilligen. Er zijn twee situaties waarbij de werkgever dat echter niet hoeft te doen: Als de werkgever overweegt de medewerker ontslag te geven als disciplinaire straf dan kan het ontslagverzoek van de medewerker worden aangehouden tot de onherroepelijke beslissing over de disciplinaire straf is genomen.
Als de medewerker strafrechtelijk wordt vervolgd kan de werkgever het ontslagverzoek aanhouden tot de uitspraak van de rechter onherroepelijk is geworden.

Terugdraaien een ontslagverzoek

Als een medewerker op zijn verzoek tot ontslag terug wil komen en de werkgever heeft nog niet over zijn verzoek beslist dan kan de medewerker volstaan met een schriftelijke mededeling dat het desbetreffende verzoek als niet gedaan moet worden beschouwd. Als de werkgever wel al heeft besloten tot het ontslag is hij niet verplicht op dit besluit terug te komen. Het mag natuurlijk wel.