Ontslag wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd

Ontslag van een ambtenaar wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd is niet in strijd met de Europese wet- en regelgeving. Voor de lidstaten van de Europese Unie geldt dat collectieve regelingen medewerkers mogen verplichten om bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd met pensioen te gaan, mits de gedwongen pensionering is bedoeld om jongeren aan een baan te helpen. Er is dan geen sprake van leeftijdsdiscriminatie, aldus het Europese Hof van Justitie in een zaak die was aangespannen door een Spaanse manager.

Volgens het Europese Hof mocht de man – ondanks het verbod op leeftijdsdiscriminatie – worden ontslagen, omdat een nationaal arbeidsmarktbeleid van groot belang is voor een land.

Had het Europese Hof anders geoordeeld, dan zou dat grote gevolgen gehad hebben voor het sociaal en economisch beleid van de lidstaten van de Europese Unie (HvJ EG 16 oktober 2007, zaaknr. C-411/05).

Ook voor Nederland zou een andersluidende beslissing van het Europese Hof grote gevolgen hebben gehad. In de Nederlandse wet- en regelgeving is namelijk opgenomen dat het verbod van onderscheid naar leeftijd niet geldt indien het onderscheid betrekking heeft op het beëindigen van een arbeidsverhouding of van het dienstverband van een ambtenaar in verband met het bereiken van de leeftijd waarop op grond van de Algemene Ouderdomswet recht op ouderdomspensioen ontstaat (zie artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid).

Ondanks het feit dat ontslag wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd een legitieme ontslaggrond is, bestaat in de gemeentesector de mogelijkheid om AOW-gerechtigden in dienst te houden en in dienst te nemen (zie de artikelen 8:2 en 8:2a CAR-UWO alsmede de toelichting op deze artikelen op deze site onder ontslag wegens het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd