Verkopen van vakantie-uren

Een medewerker kan elk kalenderjaar een verzoek doen om ten hoogste 72 uren bovenwettelijk vakantieverlof te verkopen. Bij een deeltijd dienstverband wordt dit aantal naar rato vastgesteld.

Randvoorwaarden voor de verkoop

Vóór invoering van het IKB had de voltijd medewerker jaarlijks recht op 158,4 vakantie-uren. Daarvan is 14,4 uur bovenwettelijk verlof gekapitaliseerd en maakt per 1 januari 2017 deel uit van het IKB als bron. Hierdoor is sprake van 144 uur wettelijk verlof. Als de medewerker in een bepaald jaar zijn wettelijke verlof niet volledig geniet, mogen die verlofuren in een later jaar niet worden verkocht.
Dit volgt uit een uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen. Dit Hof heeft op 6 april 2006 (HvJ EG 6 april 2006, C-124/05) een uitspraak gedaan over de verkoop van de wettelijke vakantie-uren. In de Europese richtlijn (93/104/EG) over arbeidstijden is geregeld dat medewerkers recht hebben op een jaarlijkse vakantie van tenminste vier weken. Het Hof heeft bepaald dat deze minimumperiode van de jaarlijkse vakantie niet mag worden vervangen door een financiële vergoeding. Voor de deeltijder gelden de hierboven genoemde grenzen naar rato.
Indien een medeweker lokaal over meer verlof dan 144 uur beschikt, is het mogelijk om het verschil te verkopen.

Voorbeeld
Een medewerker treedt op 1 januari 2017 in dienst en heeft een volledig dienstverband. Hij heeft in dat jaar recht op 144 vakantie-uren maar neemt 110 uur op in 2017. In 2018 wil hij de resterende 34 uur verkopen. Dit is niet toegestaan. Het wettelijk aantal vakantie-uren van de medewerker bedraagt 144 (4 x 36). Het restant uren moet hij opnemen in 2018 of in de jaren daarna.

Verhogen van vakantieaanspraken ten behoeve van verkoop

Een medewerker kan op twee manieren zijn vakantieaanspraken voor het komende jaar vergroten:

  • Door zijn werkgever te verzoeken om in het betreffende jaar langer te mogen werken en de meer gewerkte uren om te laten zetten in vakantie-uren. Zo'n verzoek kan betrekking hebben op maximaal 50,4 uur (voor deeltijders naar rato).
  • Door zijn werkgever te verzoeken om het extra verlof, dat hij krijgt als compensatie voor de overuren die hij in het komende jaar zal maken, om te zetten in vakantie-uren.

De extra vakantie-uren, die op deze twee manieren jaarlijks kunnen worden toegevoegd aan het 'normale' saldo met vakantie-uren, bedragen samen maximaal 50,4 uur (voor deeltijders naar rato). Deze vakantie-uren kunnen vervolgens weer worden verkocht.

Voorbeeld
Een medewerker treedt op 1 januari 2017 in dienst en heeft een volledig dienstverband. Hij heeft in dat jaar recht op 144 vakantie-uren. Hij heeft een verzoek ingediend om 50,4 uur extra te werken en deze uren om te zetten in vakantie-uren. In totaal heeft de medewerker 194,4 (144 + 50,4) vakantie-uren in 2017. Hij neemt daarvan 130 uur op en houdt 64,4 (194,4 - 130) vakantie-uren over.
De medewerker heeft in 2017 niet het wettelijk aantal vakantie-uren (144) opgenomen. Deze 14 (144 - 130) uren kan hij niet verkopen en neemt hij mee naar 2018. De medewerker kan van zijn vakantieaanspraak over 2017 50,4 (64,4 - 14) uren verkopen.

Vergoeding voor verkochte uren

Het geldende uurloon in de maand waarin de medewerker de vakantie-uren verkoopt is van toepassing. Op deze vergoeding moeten uiteraard loonbelasting en premies worden ingehouden.

Procedure

De medewerker kan zijn aanvraag tot verkoop van verlof elk kalenderjaar indienen,. Het college kan regels stellen over de aanvraagprocedure. De werkgever beslist over de aanvraag van de medewerker. Het verzoek wordt in principe toegewezen, tenzij zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen zich daartegen verzetten. Als een verzoek wordt afgewezen, kan de medewerker hiertegen bezwaar maken. Het afwijzen van een dergelijk verzoek is immers een besluit als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen

Van een zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang is in ieder geval sprake als toekenning van de aanvraag tot verkoop leidt tot ernstige problemen:

  • van financiële aard;
  • van organisatorische aard;
  • wegens het niet voor handen zijn van voldoende werk omdat de vastgestelde formatieruimte of personeelsbegroting daartoe geen ruimte biedt.

Samenloop met verkoop van leeftijdsverlof

Hierboven wordt alleen gesproken over het basisverlof van 144 uur. Aan dit basisverlof worden in sommige gemeenten nog extra vakantiedagen toegevoegd voor mensen in een bepaalde leeftijdscategorie (de zogenaamde leeftijdsverlofdagen). Soms kennen deze gemeenten ook een regeling tot verkoop van leeftijdsverlof, waarin de medewerker in de gelegenheid wordt gesteld maximaal 21,6 uur leeftijdsverlof te verkopen. De verkoop van leeftijdsverlof staat los van de verkoop van vakantie-uren. Na verkoop van 21,6 uur leeftijdsverlof is het daardoor nog mogelijk om 72 uur vakantieverlof te verkopen.